Jouw voeten naast de mijne … – week 7

Een eerste kleine oorlogsoverwinning in de strijd tegen ‘fibromyalgie’.

De datum boven mijn vorige blog verbaasde me meer dan een beetje. Alweer vier weken geleden en dat terwijl ik het gevoel heb dat er amper veertien daagjes voorbij gingen.

In die vier weken hebben we enkele kleine stappen vooruit gezet. Ikzelf zet die stappen zoveel mogelijk op blote voeten, zowel binnenshuis als in de tuin. Net als van oudsher, toen ik nog een klein kind was, worden mijn voetzolen ’s avonds weer duchtig geschrobd.

Kaïdo’s inbreng gaat veel dieper. De voetmassage die voor mijn gevoel tot op het bot gaat, blijft een vast onderdeel van de therapie. De pijn verbijten ook. Het lijkt wel alsof mijn twee steunpilaren al wat afgeplat zijn, de tenen minder krom. Voor een foto waarop het verschil goed te zien is, is het nog wat vroeg.

Natuurlijk zou ik ik niet zijn, als er niet meer aan de hand was. Mijn lichaam voert oorlog op vele fronten en het heeft een unieke kijk op verdedigen: we zetten ons schrap en verroeren ons niet meer. Met spieren die zich ook moeten kunnen ontspannen, is dat niet meteen de beste tactiek. ‘Beton’, is wat Kaïdo zegt wanneer hij mijn spieren bewerkt. De pijn, tja, die verbijt ik weer, maar dat moet wel zonder mijn kiezen op elkaar te klemmen, daar is Kaïdo heel duidelijk in.

Niet alleen mijn jeugdjaren gaven het sein aan mijn interne oorlogstacticus, beide zwangerschappen luidden eveneens de alarmbel. Buikspieren geraakten niet meer achter de linies waarop de toch al verkrampte rugspieren het fort recht blijven houden. Het wordt tijd om de buikspiertroepen veilig binnen te halen en weer hun werk in vredestijd te laten uitvoeren. Dat mijn rug die eerste kleine rustpauze waardeert, merk ik aan het uitblijven van de pijnprikkel van rug tot knie tot enkel. De eerste medaille voor een overwinning, hoe klein ook, wordt uitgereikt.

In dit hele gebeuren is mijn oorlogstacticus de logistiek wat uit het oog verloren. Het complexe netwerk van lymfevaten, lymfeklieren en lymfeklierweefsel heeft misschien de indruk gekregen dat als de spieren de wacht blijven houden, zij het gerust wat kalmer aan kunnen doen. Waarom ze deze gedachtengangen volgen, weten we nog niet.

Kaïdo is de externe consulent die mijn oorlogstacticus alternatieve tactieken aanleert. Andere consulenten gingen hem voor, maar kregen helaas weinig gehoor. Kaïdo pakt de zaken echter zo anders aan dat mijn lichaam – en ik – absoluut zeker weet dat het nog nooit eerder een massage kreeg. Uniek is het woord dat spontaan bij me opkomt.

Ik heb hoop.

Iane.

Advertenties

Jouw voeten naast de mijne _ week 3

Zet voeten en massage in één zin en de meesten onder ons krijgen meteen een zinnenprikkelend beeld voor ogen. Laat me je even snel uit die droom helpen.

De voetmassage die Kaïdo me gaf tijdens de derde behandeling deed pijn. Tandenknarsend en adembenemend pijn. Nu behoren mijn voeten niet meteen tot mijn meest aardige onderdelen als het op mijn comfort en gemak aankomt, maar de signalen die ze tijdens de massage naar mijn hersenen stuurden, waren ronduit gemeen. Nooit gedacht dat ik het ooit over een voetmassage zou zeggen, maar ik was zo blij dat het voorbij was!

De comfort die mijn voeten me misgunnen, houdt Kaïdo echter zelf wel in het achterhoofd. Voordat de massage begint, mag ik zelf kiezen op welke zijde ik ga liggen. Ik kies voor links. Onder de zachte matras waarop ik lig, schuift hij stevige kussens om mijn lichaam in een voor mij zo comfortabel mogelijke positie te krijgen. Naast me krijg ik een zachte rol waarop mijn rechterbeen geplooid kan steunen. En dan krijg ik tijd. Tijd om te wriemelen tot ik in deze houding geriefelijk lig. Het kussentje waarop mijn hoofd rust wordt nog door een zachter exemplaar vervangen. Pas wanneer ik zeg dat ik echt goed lig, gaat hij aan de slag met mijn linkervoet en been. Bijna onmiddellijk springen de tranen in mijn ogen. Mijn zucht van opluchting als de massage voorbij is, gaat verloren in het besef dat nu mijn rechtervoet aan de beurt is. En die rechtervoet bezorgt me zo al meer pijn dan de linker. ‘Verdomme’, denk ik, ‘ik had Kaido met die rechtervoet moeten laten beginnen.’

Kaïdo denkt daar anders over. Ik probeer te verwoorden wat hij me hierover vertelt: instinctief heb ik mijn beste kant gekozen omdat op een of andere manier mijn lichaam weet dat de informatieoverdracht in mijn cellen/hersenen over het resultaat dan gunstiger zal zijn. In mijn oren klinkt dat als cel-science-fiction en Kaïdo legt het me tijdens een wandelingetje van de behandelkamer naar beneden verder uit. De massage deed pijn, maar minder pijn dan wanneer het mijn rechtervoet was geweest. Het wandelen na de massage leert mijn voet, mijn cellen en mijn hersenen dat het doel van de massage niet pijn was, maar verlichting. Dat is ook de boodschap die ze doorgeven. Massage – pijn – geen pijn. Daarom is het ook noodzakelijk dat ik tussen de twee voetmassages even wandel, het verschillende gevoel in beide voeten en benen probeer te bevatten. Dat verschil is er wel degelijk. Raar genoeg loop ik met mijn ene been op wolken terwijl het lijkt alsof ik het andere bij elke stap uit de modder moet trekken.

En als mijn rechtervoet aan de beurt is, kan ik de pijn beter verdragen. Ik weet dat magie niet bestaat, maar vanaf vandaag geloof ik wel in cel-science-fiction.

Kaïdo is mijn schoonbroer, de man van de zus wiens voeten naast de mijne in de cadeaubox staan. Hij is kinesist. Hij is ook zoveel meer. Tijdens een zesjarige opleiding in zijn geboorteland Laos leerde hij hoe hij een lichaam moet “lezen”, hoe hij via massage een lichaam gezonder kan maken.

Wil je wat meer weten over Kaïdo en de wijze waarop hij masseert, lees dan het artikel van Martine Wauters, journaliste, dat in 2001 Psychologies Magazine verscheen. Zij vat het mooi samen.

Surf gerust ook eens naar Kaïdo’s website.

Jouw voeten naast de mijne

In een kartonnen doos staan jouw voeten naast de mijne. Het is een mooie doos, zo eentje met schuine wanden waar geen deksel op hoort, maar wel allerlei leuke, lekkere dingen in zouden moeten zitten. Een cadeaudoos. Alleen zitten er vandaag geen presentjes in. Twee paar voeten zijn er wel in te bewonderen.

Ik heb mijn voeten altijd al oké gevonden. Ze zijn niet fijn en sierlijk, eerder breed en wat plomp, maar stiekem vond ik ze wel mooi. Het zijn tenslotte wel mijn voeten, hè. Voor mij hoeven ze niet perfect te zijn. Je kent het vast wel, die goede vriend die je mooi vindt omwille van wie hij is, niet omwille van zijn uiterlijk. Banale dingen als uiterlijk worden letterlijk mooier zodra er fijne ervaringen en herinneringen aan verbonden zijn.

Voor de eerste keer in mijn leven kijk ik met een frons naar mijn voeten, naar mijn tenen ook. Die frons komt er niet omdat iemand onze voeten met rode stift omcirkelt en daarbij ook mijn huid kleurt. De lichte afkeer die ik voel wordt gevoed door de man met de stift die me vertelt dat de pijn die ik dagelijks ervaar niets te maken heeft met fibromyalgie, maar alles met de manier waarop mijn voeten eruit zien, hoe ze de grond raken en hoe ze mijn lichaam niet correct ondersteunen.

Meer dan twaalf jaar geleden kreeg ik de diagnose fibromyalgie. Ik moest ermee leren leven. Ook heb ik meer dan vijftien jaar met steunzolen rondgelopen, in alle vormen en maten. En omdat ik me niet zomaar gewonnen wilde geven, heb ik de afgelopen vier jaar kinesietherapie gevolgd. De steunzolen noch de therapieën hebben me van de dagelijkse pijn geholpen.

In de doos staan mijn voeten naast die van jou, mijn zus. Sommigen die ons voor de eerste keer samen zien, zeggen wel eens dat we heel erg op elkaar lijken. Onze voeten daarentegen vind ik er helemaal niet hetzelfde uitzien. Met een arm om mijn schouder, trek jij me even tegen je aan. Dan zeg je dat ooit onze voeten ook op elkaar leken, dat met het veranderen van jouw voeten, de pijn in jouw lichaam verdween. Niet zomaar, als bij wonder, maar na een behandeling die veel tijd en geduld vroeg.

En dus bevestig ik wat ik al besloten had: ik start met de behandeling. Niet zonder hoop, maar zeker ook niet euforisch. De behandeling beperkt zich niet tot mijn voeten. Al mijn spieren moeten zich immers weer leren ontspannen.

Meer over deze behandeling en wie deze toepast, vertel ik in mijn volgende blog.

Tot dan.

Iane

Jouw voeten naast de mijne

Paul Harland Prijs 2014

Het is achter de rug. Zaterdagavond kwam er eindelijk een einde aan de zenuwslopende dagen voor de uitreiking van de Paul Harland Prijs. In het gezelschap van man en dochter en in dat van ons Zonderlinge-schrijversgroepje telde ik het laatste uur naar de uitslag af. Dat organisatoren dat moment van verlossing altijd zo graag willen uitstellen, weten we allemaal. Voor de tv vind ik het al enorm enerverend als er tussen “en de winnaar is…” en de naam op het scherm te veel gepalaverd wordt, maar wanneer ik zelf op hete kolen zit is, verandert die irritatie al snel in iets wat lijkt op overmatige zweetproductie, hartkloppingen en niet stil te houden handen en voeten. Gelukkig voor mijn arme lijf duurde het geen eeuwen voor de presentator aan de shortlist begon. Met hier en daar nog een impulsieve, maar toch zorgvuldig uitgekiende pauze, kabbelde de aftelling voort. Mijn naam verscheen niet bij de verhalen die tussen de 20 en 25 eindigden. Ook niet tussen 20 en 15. De moed en het enthousiasme kukelden naar beneden. En dan, in een flits en bijna gemist, stond daar “Transitieverwikkelingen en ovariële bioresonantie”.

Ik ben winnaar! Niet echt natuurlijk, want aan de elfde plaats is geen prijs verbonden, maar toch winnaar, want tot in de finale geraakt. Wat een super gevoel!

Dat supergevoel maakte dat mijn geheugen me in de steek liet en ik vergat dat ik nog een tweede verhaal ingestuurd had. Dat had de voorselectie overleefd, maar de finale niet gehaald.  Met een grote grijns op mijn gezicht beweer ik stellig dat ik daar absoluut mee kan leven.

De motivatie is groot om het nog beter te doen. Een nieuw verhaal borrelt, kronkelt en vraagt om geschreven te worden. Iets nieuws, iets anders dan wat ik al neergepend heb. Het wordt een uitdaging die ik met plezier – en ongetwijfeld gezwoeg en binnensmonds gevloek – ga aannemen.

Tot volgend jaar op de Harland Awards!

Voor de volledige uitslag en meer info rond de Paul Harland Prijs (vanaf nu de Harland Awards) klik je hier.

Schrijfkriebels

Midden april 2012 typte ik “blauw” in op het internet. Niet zomaar blauw, het moest dat ene, dat juiste blauw zijn. Voor het verhaal dat ik op papier trachtte te zetten. Tussen de treffers die Google gegenereerd had, zag ik een link naar een wedstrijd. Fantasy. Een grote Nederlandstalige Fantasyschrijfwedstrijd. Slechts één klik weg. Het hoeft zeker niet gezegd dat ik die klik gemaakt heb. 😉

Intussen behoort de wedstrijd tot de geschiedenis. Maar niet de leuke mensen die ik op het MagicTalesforum heb leren kennen, niet de kennis die ik mede dankzij die forumleden opgedaan heb en zeker niet het verhaal. Want hoewel niet gewonnen, stond mijn manuscript wel op de longlist, één van de 25 “winnaars”.

Terwijl ik volop bezig was het verhaal te herschrijven, hoorde ik van de Paul Harland Prijs. Een jaarlijks terugkerende wedstrijd voor kortverhalen in het fantasy-, science fiction- en horrorgenre. En ook een andere interessante wedstrijd werd onder mijn aandacht gebracht: Fantastels. Voor beide wedstrijden heb ik een kortverhaal geschreven.

De uitslag van de PHP 2013 is ondertussen bekend. Van de 206 inzendingen is mijn verhaal Oorsprong 105de geworden. Dikke teleurstelling! Ik had er zoveel meer van verwacht. De nieuwsgierigheid naar de juryrapporten is recht evenredig met die teleurstelling. Dus duw ik elke tien minuten of zo op de F9 toets om nieuwe berichten binnen te halen. Alsnog geen juryrapport.

De uitslag van Fantastels laat nog even op zich wachten. Ergens in april 2014 valt het verdict. Hopelijk scoort dit verhaal beter.

Intussen blijf ik stug schrappen en schrijven aan mijn verhaal ‘Het lied van de bomen’. Wie weet, ooit vind ik er misschien een uitgever voor.